De behoefte aan elektriciteit blijft wereldwijd groeien. Ook in Nederland zal de vraag tot 2020, volgens voorspellingen van het Internationaal Energie Agentschap en de OESO, met 1 à 2 procent per jaar blijven groeien.
Door de jaren heen is Nederland voor haar elektriciteitsbehoefte steeds afhankelijker geworden van import. Dit aandeel bedraagt nu ruim 20 procent. Het is opgebouwd in een periode dat onze buurlanden met overschotten te maken hadden. Dit laatste is inmiddels niet meer het geval.
Door al te sterke afhankelijkheid van import komt bij schaarste de leveringszekerheid in gevaar.
Aandeel import in Nederlandse elektriciteitsvoorziening

Bron: ECN
Herkomst van geïmporteerde elektriciteit

Bron: ECN
Tegelijkertijd nadert een aanzienlijk deel van de Nederlandse en West Europese elektriciteitscentrales het eind van de technische levensduur. Voor een deel kan deze met ingrijpende investeringen worden verlengd. Een ander deel zal binnen afzienbare tijd echter moeten worden gesloten.
Leeftijdsopbouw Nederlandse elektriciteitscentrales
Dit betekent dat de bouw van nieuwe installaties nodig is om de voorziening van elektriciteit zeker te stellen. Bovendien moet snel met de bouw van nieuwe centrales worden begonnen, want aan het begin van het volgende decennium moet de nieuwe capaciteit beschikbaar zijn om problemen in de elektriciteitsvoorziening te voorkomen. Planning en bouw van een nieuwe elektriciteitscentrale kost vijf tot zes jaar.

De Nederlandse overheid heeft het beleid dat hierin voorziet vastgelegd in het Energierapport van 2005. De overheid heeft in dit rapport een uitgesproken visie op kolen: ‘Kolen verdienen als brandstof opnieuw aandacht, zeker met het oog op het bevorderen van de voorzieningszekerheid.’
EU-beleid
Het Nederlandse beleid is onder meer gebaseerd op EU-beleid dat erop gericht is de afhankelijkheid van aardgas voor elektriciteitsvoorziening te verminderen. Een recent onderzoek van het IEA geeft aan dat de Europese Unie voor haar energievoorziening sterk afhankelijk is geworden van aardgas.
Aardgas is maar beperkt voorradig, het komt voor een belangrijk deel uit landen die politiek instabiel zijn. Ook de prijs fluctueert sterk. Daarom pleit het IEA voor meer verscheidenheid in bronnen en noemt kolen als een alternatief. Kolen komen in grotere hoeveelheden voor dan aardgas. Ze zijn meer verspreid over de wereld, ook in landen met een stabieler politiek klimaat.